De voorbije jaren is het arsenaal medicatie voor de behandeling van myeloom flink uitgebreid. Dit weerspiegelt zich ook in de gemiddelde levensverwachting van de patiënten met multipel myeloom, daar waar deze 10 jaar geleden 3-4 jaar bedroeg is dit intussen toegenomen tot 7-8 jaar.Er is echter niet altijd onmiddellijk bij diagnose noodzaak tot behandeling van de ziekte. Ondanks de vooruitgang in de behandeling van myeloom blijft het vaak een ongeneeslijke ziekte. Het doel van de behandelingen is dan ook voornamelijk voortgang de ziekte te onderdrukken en de gevolgen van de ziekte (orgaanschade) te beperken. Wanneer de impact van de ziekte dus beperkt is (niet-symptomatisch) myeloom dringt een behandeling zich niet direct op en is een regelmatige opvolging van de symptomen en monoklonale piek/lichte ketens voldoende. De indicatiestelling voor behandeling volgt internationale richtlijnen.

Er wordt in dit onderdeel een overzicht gegeven van de medicaties geregistreerd en terugbetaald in België voor de behandeling van multipel myeloom. Deze medicaties worden vaak in combinatie gebruikt, deze activiteit van deze combinaties werd bestudeerd in internationale klinische studies.

Hieronder kunt U de standaardbehandeling (dit wil zeggen de behandeling voor patiënten die niet de voorkeur geven in een studie te participeren) van de myeloomkliniek van UZ Brussel vinden.

 

Chemotherapie en stamceltransplantatie

Het is bij de aanvang van een therapie belangrijk te weten of een patiënt in aanmerking komt voor een stamceltransplantatie. Met de introductie van hoge dosis chemotherapie (Melfalan) gevolgd door teruggave van autologe stamcellen (stamcellen van de patiënt zelf) werden de resultaten in de behandeling van myeloom een stuk beter sinds de jaren 80. Men zag een verbetering van zowel de respons op behandeling, de ziekte-vrije overleving en de totale overleving. Het is ook een behandeling die in een klein percentage van de patiënten tot een langdurige remissie (wegblijven van de ziekte) leidt. Op basis van deze resultaten is het nog steeds een standaard behandeling van myeloom. Het is echter een zware behandeling met belangrijk risico op complicaties waardoor enkel patiënten met een goede algemene conditie in aanmerking komen. Doorgaans wordt een transplantatie niet voorgesteld aan patiënten ouder dan 65 jaar, al wordt steeds de biologische leeftijd ook in rekening genomen, zo kan het ook gebeuren dat een stamceltransplantatie afgeraden wordt aan patiënten jonger dan 65 jaar of toch wordt voorgesteld aan een patiënt ouder dan 65 jaar. Hoge dosis chemotherapie gevolgd door autologe stamceltransplantatie wordt uitgevoerd in de eerste lijnsbehandeling van multipel myeloom maar kan bij goede respons in een later behandelingsstadium herhaald worden. Een andere vorm van stamceltransplantatie is het toedienen van stamcellen van een verwante donor (allogene stamceltransplantatie). Het voordeel van een dergelijke transplantatie is het feit dat deze stamcellen zeker ziektevrij zijn en bovendien zullen de witte bloedcellen van de donor ook activiteit hebben tegen de myeloomcellen van de patiënt. Deze behandeling kan tot een genezing leiden maar gaat gepaard met een hoog risico op complicaties. Een allogene stamceltransplantatie kan enkel overwogen worden bij jonge patiënten die reeds verschillende behandelingslijnen hebben doorlopen en/of zeer slechte genetische afwijkingen vertonen en over een perfecte donor beschikken. Allogene stamceltransplantatie gebeurt slechts uitzonderlijk bij patiënten met multipel myeloom.

Melfalan (Alkeran®)

Melfalan bestaat ook in pilvorm onder de naam Alkeran® en kan in lagere dosis via de mond (peroraal) ingenomen worden. Actueel is een behandeling op basis van Alkeran® gecombineerd met prednisone en bortezomib (Velcade®) de standaard aanvalsbehandeling voor patiënten die niet in aanmerking komen voor een autologe stamceltransplantatie. Alkeran® wordt dan 4 dagen ingenomen samen met prednisone om de 6 weken.

Corticoïden

Corticoïden (cortisone) zijn de hoeksteen van quasi elke anti-myeloombehandeling. Zij hebben een rechtstreeks effect waarbij ze tumorale plasmacellen elimineren en bovendien gaan ze het effect van de medicaties waarmee ze gecombineerd worden versterken. Corticoïden zijn ook efficiënt in het verbeteren van de nierfunctie wanneer deze aangetast is door de ziekte. Corticoïden worden voorgeschreven onder vorm van prednisone of dexamethasone.

Proteasoominhibitoren

Proteasoominhibitoren zijn een nieuwe klasse van geneesmiddelen ontwikkelt voor behandeling van multipel myeloom. Het proteasoom is een eiwit in de cellen dat van belang is in de huishouding van de cel, proteasoominhibitoren gaan dit proteasoom blokkeren en zo een wildgroei van de cellen tegengaan.

  • Bortezomib (Velcade®)

 

Velcade® is de eerste proteasoominhibitor die ontwikkelt werd.

Velcade wordt via subcutane (onderhuidse) injectie toegediend. De standaarddosis is 1,3mg/m² dag 1, 4, 8 en 11 van elke cyclus en een cyclus duurt 21 dagen. In functie van de tolerantie zijn dosisreducties mogelijk door het aantal toedieningen terug te brengen naar wekelijks bijvoorbeeld of door het aanpassen van de dosis tot 1mg of 0,7mg/m².

Velcade wordt steeds gecombineerd met cortisone en kan eventueel ook gecombineerd worden met Thalidomide of Revlimid® of Alkeran®.

 

  • Carfilzomib (Kyprolis®)

 

Carfilzomib is een 2e generatie proteasoominhibitor. Het heeft een activiteit ook bij die patiënten die reeds met Velcade® behandeld werden en (niet) meer goed reageren en geeft ook minder complicaties ter hoogte van het zenuwstelsel (polyneuropathie) in vergelijking met Velcade®. Carfilzomib wordt ook steeds gecombineerd met dexamethasone en soms wordt ook Revlimid® aan de combinatie toegevoegd.

Actueel is Kyprolis® nog niet terugbetaald in België, maar wordt het voor geselecteerde patiënten ter beschikking gesteld via een medisch nood programma.

Immunomodulatoire middelen.

  • Thalidomide®

Thalidomide is een geneesmiddel dat in de jaren vijftig gebruikt werd voor de behandeling van misselijkheid tijdens de zwangerschap en was bekend onder de naam Softenon®. Het werd echter al snel van de markt teruggetrokken omdat bleek dat er ernstige afwijkingen van de ledematen optraden bij de kinderen van vrouwen die Softenon® hadden gebruikt. Veertig jaar later werd Thalidomide opnieuw opgepikt, uit studies bleek dat het de aanmaak van nieuwe bloedvaten – van belang voor het overleven van tumoren – kon afremmen. Verder onderzoek toonde aan dat Thalidomide ook een effect heeft in multipel myeloom. Thalidomide werkt op verschillende manieren in op het myeloom: het heeft een rechtstreeks celdodend effect maar werkt ook in op het beenmerg waardoor dit minder ondersteunend wordt voor de myeloomcellen. Thalidomide is in België terugbetaald voor de behandeling van myeloom in elk stadium ongeacht de leeftijd/indicatie voor stamceltransplantatie/al dan niet voorafgaande behandelingen. Thalidomide wordt in principe steeds in combinatie met andere medicatie voorgeschreven: ofwel met (Velcade® en) dexamethasone ofwel in combinatie met Alkeran® en prednisone. Thalidomide kan ook gebruikt worden als onderhoudsbehandeling na een stamceltransplantatie of het beëindigen van de behandeling met Alkeran® en prednisone. Thalidomide bestaat onder vorm van pillen. Deze dienen dagelijks ingenomen te worden en de dosis varieert tussen 50 en 200mg per dag in functie van de tolerantie.

  • Lenalidomide (Revlimid®)

Revlimid® is een afgeleide van Thalidomide maar heeft een bredere en krachtigere werking. Zo gaat Revlimid® ook de nieuwvorming van bloedvaten afremmen. Het heeft eveneens een rechtstreeks effect op de myeloomcellen en ook op het beenmerg net als Thalidomide. Daarnaast kan het ook het immuunsysteem beïnvloeden, het behoort dan ook tot de behoort tot de immunomodulatoire middelen.

De standaarddosis Revlimid® is 25mg per dag gedurende 3 weken, gevolgd door een rustweek, deze 28 dagen vormen 1 cyclus. Revlimid® wordt in principe steeds gecombineerd met dexamethasone. Enkel wanneer Revlimid® als onderhoudsbehandeling gegeven wordt kan het zonder cortisone voorgeschreven worden.

 

  • Pomalidomide (Imnovid®)

 

Imnovid® behoort tot dezelfde familie als Thalidomide en Revlimid en vertegenwoordigd de 3e generatie van deze klasse geneesmiddelen. De werking en bijwerkingen zijn dan ook vergelijkbaar. Imnovid is in België terugbetaald voor patiënten die niet (meer) goed reageren op behandeling met Velcade® of Revlimid®. Net als Revlimid® wordt Imnovid® dagelijks genomen gedurende 21 dagen gevolgd door een rustweek van 7 dagen, dus in totaal duurt een cyclus ook hier 28 dagen. Standaarddosis is 4mg/dag. Ook Imnovid® wordt steeds gecombineerd met dexamethasone.

Radiotherapie

Radiotherapie kent 2 indicaties in de behandeling van multipel myeloom. Radiotherapie is steeds een lokale therapie en zal daarom doorgaans ook gevolgd worden door een therapie met een combinatie van de geneesmiddelen hierboven beschreven.

  • Radiotherapie is een goede pijnstillende therapie bij botletsels, hierbij wordt het pijnlijke botletsel lokaal bestraald, meestal met een dosis van 15Gy verdeeld in 5 fracties.
  • Wanneer er door een tumormassa of een fractuur druk op het merg ontstaat met symptomen van neurologische uitval (tintelingen, krachtsverlies, verlamming) dient in urgentie radiotherapie gestart te worden.

De geneesmiddelen met anti-myeloomeffect werden hier apart besproken. Zij kunnen apart toegediend worden maar hebben een grotere activiteit wanneer zij in combinatie worden gebruikt, bijvoorbeeld Velcade®, thalidomide, dexamethasone of Alkeran®, prednisone, thalidomide, enz.

Close Menu